Page 26 - AHATA
P. 26
Maandag 22 oktober 2018 15 Maandag 22 oktober 2018 Antilliaans Dagblad Historie (2) De postzakkenaffaire in WOII Gezicht op de aanlegsteiger bij de olieraffinaderij aan de Caracasbaai op Curaçao (1947). Kantoren van de firma S.E.L. Maduro & Sons en het algemeen agentschap van de Koninklijke West Indische Maildienst. FOTO WILLEM VAN DE POLL FOTO SOUBLETTE ET FILS gedeelte dat blank stond, er nog per
Antilliaans Dagblad rijke mailzakken in zee rond- drijven, terwijl militairen van het in de buurt gelegen wacht- bureau, werklieden van de Cu- raçaose Petroleum Industrie Maatschappij (CPIM) en van de bonds and stamps’.
om de met neutrale schepen vervoerde mails bestemd voor het westelijk halfrond, in
haalde ik het door de Amerikaanse en Britse censuurdiensten genomen besluit aan
onze havens van boord te halen alwaar censuur-ambtenaren ze konden verwerken
Mailzakken in zee? Ongeveer negen uur ‘s morgens werd de postcensor-chef, Benno Mozes Levisson thuis door de heer Samson van de telegram- mencensuur telefonisch ver- zocht om zo snel mogelijk naar Caracasbaai terug te gaan, want er zou een ongeluk zijn gebeurd met de geloste vracht. Samen met de marineofficier Smitt die hij op de basis had opgehaald, vertrokken zij naar de
alvorens hun reis te vervolgen naar de geadresseerden. Het betreft hier weer een
voorlaatste jaar van de Tweede Wereldoorlog heeft afgespeeld op Curaçao. Reeds
Dit is het tweede gedeelte van een beruchte postzakken-affaire die zich in het
naast de olieraffinage voor de geallieerde mogendheden. bewijs van de voorname functie die ons gebiedsdeel tussen 1940-1945 heeft gespeeld met het relaas dat het lossen oe ging het nu van dit schip in de haven van verder met het Caracasbaai niet voorspoedig van boord halen verliep. De kade was na het van de postzen- lossen zó vol gestouwd, dat H dingen in onze er onvoldoende
Historie Door Junnes Sint Jago 1947. Zoals vermeld was destijds, behal- ve de geïnterneerden die op Bonai- re vastgezet werden, de hele bevol- king van de eilanden onderworpen aan de postcensuur. In de tweede helft van 1944 achtte het Bestuur de tijd aangebroken om ook ten aanzien van deze brievenkwestie de teugels ietwat te laten vieren. De oorlog was toen we
14